Ben je bereid Jezus te volgen (deel 2)
Er zijn vier vragen die essentieel zijn voor elk van ons, die wil gehoorzaam leven voor God, aan God, voor elk van ons die Zijn heerschappij wil eerbiedigen, die wil zeggen: Heer Jezus, Jij bent mijn Heer en Meester. En voor elk van ons die zich wil toewijden aan Jezus Christus. Met die vragen wil ik de essentie van toewijding aantonen. En die vragen staan hier in Exodus hoofdstuk 3 en 4. En het is niet klein wat God aan Mozes vraagt. Het is niet iets als: breng wat water om dat vuur hier te doven. Neen, dat is niet wat God vraagt. God vraagt aan Mozes om de leider te worden van het volk van Israël. God vraagt aan Mozes dat hij de redder zou worden van het volk van Israël, dat hij hen uit Egypte zou leiden, dat hij hun gids zou zijn op weg naar het beloofde land. En als je kijkt wat Mozes allemaal doet, dan realiseer je dat Hij verlangt van Mozes dat hij hun raadgever wordt. Mozes zat daar soms dagen lang, mensen stonden in rij aan te schuiven om advies te vragen aan Mozes. Tegelijkertijd vraagt God ook dat hij de rechter wordt van het volk. Hij geeft Mozes een enorme verantwoordelijkheid. Het is niet zo simpel wat Hij vraagt. Maar Hij geeft hem die verantwoordelijkheid onder Gods autoriteit. Hij zegt niet: Ik roep je en doe maar. Neen, Hij zegt: Ik roep je maar je staat onder Mijn autoriteit. God vraagt Mozes om zich toe te wijden, toe te wijden om terug te gaan naar Egypte. Denk je dat hij stond te springen? Hij was een moordenaar, misschien werd hij wel gearresteerd. En hij werd gevraagd door God om met de farao te gaan spreken. Een herder. En de farao wilde hem vermoorden, we hebben het juist gelezen, toen de farao van deze zaak hoorde wilde hij Mozes doden. Ok, die farao was dood, maar de volgende was er, die wist dat ook. En hij moest dan iets doen, hij moest aan de farao vragen: Je bent hier allemaal mooie gebouwen aan het bouwen, beste farao, en je hebt daar gratis werkvolk, laat ze eens gaan, ik zou eens willen weggaan met hen. Dat lijkt me echt zo een missie waarvoor je staat te springen. Piece of cake. En hij werd dan nog eens gevraagd om hen te begeleiden naar het Beloofde Land. Het lijkt me niet moeilijk he, wat hem gevraagd wordt. Neen, wat hem gevraagd werd was een onmogelijke taak. Moest God niet met hem zijn, dan kon hij dat niet doen. Maar God wil toewijding. God verlangt van Mozes toewijding. Maar God is met hem. We hebben het gelezen in de Psalmen: God is voor ons en Hij is achter ons, en als christen is Hij in ons. De almachtige God, de alwetende God is in ons. En niet alleen dat, hij moest naar dat volk van Israël. En wat zouden zij zeggen? 'Wie denk je wel dat je bent? Gaan wij ons leven riskeren om hier te vertrekken en jou te volgen? Je was een koningszoon bij de farao en nu wil je hebben dat wij jou volgen; je hebt iemand vermoord en wij moeten jou volgen?' Ik denk dat Mozes echt wel dacht: Ik ga dat hier doen. En daar stopt het niet. Hij moest hen dan nog eens leiden door de woestijn. Je hebt daar zoveel eten en drinken, dat is een fantastische plaats om drie miljoen Israëlieten mee te pakken. Allen daarheen. Neen, wat een uitdaging! Maar God stelde hem een vraag: Wil je Mij dienen? Hoe kan God dat van iemand verlangen? Maar Hij verlangt het. Net zoals Hij van elk van ons verwacht dat we toegewijd zijn. Toewijding heeft te maken met onvoorwaardelijk ons leven neerleggen voor de Zoon van God. Onvoorwaardelijk. Het is niet: God als U me dat soort horloge of dat soort auto geeft, of als ik bij U mag zitten, daar op die stoel naast U als ik in de hemel kom... . Neen, onvoorwaardelijk. Dat wil zeggen dat wij ons leven neerleggen voor Hem, dat wij Zijn heerschappij, Zijn meesterschap over ons leven erkennen, dat Hij de controle heeft. Maar dat wil zeggen dat wij de controle moeten loslaten, en dat wij moeten stoppen met ons eigen ding te doen. Om te snappen wat toewijding is, moeten we vier vragen beantwoorden. En jullie moeten die beantwoorden. Ik zal het antwoord geven, maar je moet zelf checken of je hetzelfde antwoord hebt.
De eerste vraag is: Wie is deze God?
Wie is die God die ons vraagt om ons leven te onderwerpen aan Hem? Exodus 3: 6 Wat zegt God? Ik ben de God van uw vader, de God van Abraham, de God van Isaak en de God van Jakob. De reactie van Mozes was: Mozes bedekte zijn gezicht, want hij was bevreesd God aan te kijken. Mozes wist wie die God was. Het was de God van zijn vader, niet van zijn vaderen staat er hier, de God van Abraham, Isaak en Jakob. Ik denk dat God zijn aandacht getrokken had. Het eerste dat God doet, is zeggen: Ik ben God, de God van uw vader, de God van Abraham, de God van Isaak en de God van Jakob. Velen zijn God niet toegewijd omdat ze God niet kennen. Ze aanbidden een God, maar is het de ware God? Is het die God Die Zijn autoriteit over ons leven wil uitoefenen? Is het die God Die wil dat we ons leven neerleggen? Ja, wie is die God? En God zegt het verschillende keren. Herhaling is nodig. Vers 14 En God zei tegen Mozes: IK BEN DIE IK BEN. Ook zei Hij: Dit moet u tegen de Israëlieten zeggen: IK BEN heeft mij naar u toegezonden. Ja, IK BEN DIE IK BEN, de eeuwige God. Laat er geen twijfel over bestaan. Hij is de eeuwige God. Vers 15 Toen zei God verder tegen Mozes: Dit moet u tegen de Israëlieten zeggen: DE HEERE, de God van uw vaderen, de God van Abraham, de God van Isaak en de God van Jakob, heeft mij naar u toegezonden. Dit is voor eeuwig Mijn Naam, dit is Mijn Naam ter gedachtenis, van generatie op generatie. 16 Ga, verzamel de oudsten van Israël en zeg tegen hen: DE HEERE, de God van uw vaderen, is aan mij verschenen, de God van Abraham, Isaak en Jakob. God maakt duidelijk aan Mozes wie Hij is. De vraag was: Wie is deze God? en God zegt: Ik ben de God van uw vader, de God van Abraham, Isaak en Jakob; Ik ben Die Ik ben. En Mozes moest dit ook duidelijk maken aan de Israëlieten. God zegt: Ga naar hen en zeg Wie jou gestuurd heeft, zeg hen Wie Ik ben. Zoals ik daarstraks zei: Waarom zouden de Israëlieten Mozes moeten volgen? Hij was een moordenaar, hij leefde al veertig jaar in de woestijn of daar ergens in de buurt. Ja, waarom moeten wij jou volgen? Omdat God hem gestuurd heeft. Wij moeten die vraag beantwoorden voor onszelf: Wie is God? Wie is die God? Hij wil dat wij toegewijd zijn, Hij wil dat wij ons leven neerleggen, Hij wil dat we zeggen: God, kom binnen. Want dat is toewijding, zeggen: God, kom binnen, doe met mij dat wat U wil. Wat je ook maar wil Heer, wanneer je ook maar wil dat ik iets doe, waar je ook maar wil dat ik ga, ik zal het doen. Als God ons niet ten volle gebruikt dan moeten we efkes introspectie doen, vanbinnen kijken, om te checken of we niet gezegd hebben: God, tot hier en niet verder. God, ik wil eigenlijk nog mijn eigen ding doen hoor. Super, dat U mijn Verlosser bent, en halleluja, maar niet te dicht komen he. Het is nog altijd mijn leven, ik doe nog altijd dat wat ik wil, en dat vind ik plezant he God, dat blijf ik doen he. Neen, dat is niet wat God wil. Toen dat je jou leven gaf aan Jezus Christus en Hem aanvaardt hebt als je Redder, dan ben je geboren in een nieuwe familie. Dan ben je een nieuw Koninkrijk binnen gekomen en heb je de rechten van het oude koninkrijk opgezegd. Er gelden nu nieuwe wetten. En de wet is dat God Heer en Meester is; en de wet is dat wij Zijn dienaren zijn. En ja, Jezus noemt ons vriend, wij mogen Jezus onze vriend noemen. Maar niet alleen vriend, wij zijn Zijn dienaren. Wij zijn dienaren van Zijn Koninkrijk. Laat ons dat niet vergeten. Het is niet langer aan ons om te kiezen wat dat we doen, maar het is aan ons om Hem te vragen wat te doen. En God zal ons zeggen wat te doen. Want Hij is almachtig, Hij is alwetend en Hij weet wat er goed is voor ons. Ja, als Hij het niet weet dan hebben we wel een probleem. Maar Hij is alwetend, dus vertrouw op Hem. Hij is almachtig, dus vertrouw op Hem. Geloof je dat God de God is van Abraham, Isaak en Jakob? Geloof je dat God Zijn enig geboren Zoon gegeven heeft omdat Hij ons liefhad, opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren gaat maar eeuwig leven hebbe? Geloof je dat? Dan heb ik nog een vraag: hoe kunnen we dan een deel van onszelf, van onze bezittingen, van onze tijd niet aan Hem geven? Als Hij de God is, de Schepper van hemel en aarde en regeert in ons leven? Met welk recht gaan we tegen Hem in om ons eigen ding te doen? De waarheid is: we hebben dat recht niet. We leven in een nieuw Koninkrijk.
De tweede vraag is: Wie ben ik?
Exodus 3: 11 Mozes zei echter tegen God: Wie ben ik, dat ik naar de farao zou gaan en de Israëlieten uit Egypte zou leiden? En kijk naar het antwoord. God zei niet tegen Mozes: Maar je bent één van die Israëlieten. Het is toch niet moeilijk. Ga terug naar je volk en zeg hen: Ga uit Egypte. Neen, in vers 12 zegt Hij: Voorzeker, Ik zal met u zijn, en dit zal voor u het teken zijn dat Ík u gezonden heb: Als u het volk uit Egypte geleid hebt, zult u God dienen op deze berg. Wat zegt God op de vraag: wie ben ik? Hij zegt: Ik ben met u. Mozes, wij zijn met elkaar verbonden, wij hebben een relatie met elkaar. Ik heb u uitgekozen om als dienaar van Mij naar Egypte te gaan. Ik ben jouw God. Ik ben de God van je vader, de God van Abraham, Isaak en Jakob, maar Ik ben ook jouw God, en Ik ben bij je, Ik heb je gekozen. En als wij zeggen dat de God van dit boek, van de Bijbel, de God van Abraham, Isaak en Jakob, dat dat onze God is, dan is Hij Diegene die regeert in ons leven. Zo simpel is het. Dan zijn wij dienaars van de levende God. Kijk mensen, wij zullen nooit snappen wie wij zijn tenzij dat wij ons identificeren met de persoon van Jezus Christus. Snap je dat? Je zult nooit je ware identiteit snappen tenzij je je identificeert met de God van Abraham, Isaak en Jakob, tenzij dat je een relatie hebt met de levende God. En God wil hebben dat we inzien dat we iemand zijn, dat wij in Hem zijn, dat we van Hem zijn.
Kijk mensen, als we ons vertrouwen gesteld hebben in God, als we ons vertrouwen gesteld hebben in Jezus Christus voor de vergeving van onze zonden, dan ziet God een verlost kind. Hij ziet Zijn kind verlost. Verlost door het bloed van Jezus Christus aan het kruis van Golgotha. Ja, wie ben ik? Ik ben een kind van God, en Zijn Zoon, Jezus Christus, heeft de prijs betaald voor mijn verlossing. Wij zijn vrijgekocht, dat is wie we zijn. We zijn apart gezet, we zijn geheiligd door Zijn Zoon, gereinigd door Zijn bloed, we zijn uitverkoren. Het was niet Mozes die tot God zei: God, ik heb een idee, ik ga efkes naar Egypte en ik zal ze er uithalen he. Neen, het was God Die ging naar Mozes, het is God die ons roept. Ja, wie zijn wij? Wij zijn een discipel van de Heer Jezus Christus. Je kunt Hem van ver volgen, in zonde, maar van heel dicht bij ook. En dat is toewijding. Kijk mensen, wij zijn aangenomen in de Geliefde. Dat is wie wij zijn. Onze zonden zijn vergeven, dat is wie wij zijn. We zijn behouden door Gods genade, we zijn gerechtvaardigd verklaard. Dat is niet niets he wie wij zijn. Maar het is alleen omdat wij ons identificeren met Jezus Christus. Dat is de reden. We zijn verzoend met God. Door het offer van Jezus Christus hebben wij verzoening ontvangen. Mattheüs 10: 37 - 39.
Daarmee wil ik eindigen. De twee volgende vragen stel ik volgende week.
Vraag één was: Wie is die God? Vraag twee is: Wie ben ik? Maar wat duidelijk is, is dat Hij toewijding verlangt van ons. Mattheüs 10: 37 Wie vader of moeder liefheeft boven Mij, is Mij niet waard; en wie zoon of dochter liefheeft boven Mij, is Mij niet waard. 38 En wie zijn kruis niet op zich neemt en Mij navolgt, is Mij niet waard. 39 Wie zijn leven vindt, zal het verliezen; en wie zijn leven verliest omwille van Mij, zal het vinden. Wat staat er hier? God zegt : er is niets, maar dan ook niets belangrijker dan Mij te volgen; er is niets belangrijkers dan toegewijd te zijn aan Mij, zegt God. Jezus zegt: Wie vader of moeder liefheeft boven Mij. Wat wil dat zeggen? Dat je eerst gaat doen wat je vader en moeder willen, voor dat je doet wat God zegt. Dat is niet wat God wil. God zegt dat we moeten zorgen voor onze vader en moeder, maar we moeten eerst doen wat Hij zegt. Hetzelfde met onze kinderen. Als alles wat betrekking heeft met onze kinderen voorgaat op wat God wil, sorry, Hij zegt: hij is Mij niet waard. Ik zeg het niet, het is Jezus die het zegt. Je mag mij gerust de schuld geven, maar ik kan er ook niets aan doen. Wie zijn kruis niet op zich neemt is Mij niet waard. Jezus wil hebben dat we ons kruis op ons nemen; Hij wil toewijding zien, en Hij wil dat we Hem volgen. In vers 39 zegt Hij: Wie zijn leven vindt, zal het verliezen. Kijk, als je jou eigen ding doet dan heb je misschien plezier, dan is het leven misschien tof, maar het resultaat is dat je het verliest. En Jezus zegt: en wie zijn leven verliest omwille van Mij, zal het vinden. Dat is toewijding, maar het resultaat is dat wij eeuwig leven hebben en leven in overvloed. Het resultaat is dat wij een kind van Hem zijn, verlost, gerechtvaardigd, verzoend met God. Hij verwacht toewijding. Amen?
Ik heb beloofd dat ik u zou uitdagen, ik was ook uitgedaagd, en ik heb goed nieuws, ik zal u volgende week nog uitdagen want ik ben nog niet klaar. Ik heb nog twee vragen over. Een beetje suspense laten.
Laten wij bidden. Deze week las ik een tekst, ik kreeg een nieuwsbrief, en daar stond in: 'Ware overgave is niet enkel of eenvoudig weg een overgave van ons uiterlijk leven, maar een volledige overgave van onze wil. De grootste crisis die we ooit meemaken is onze wil ondergeschikt maken aan die van Jezus Christus, onze Heer en Meester.' Ik vond dat prachtig en wou dat even delen met jullie.
Heer God, almachtige Vader, dank U dat U Uw Woord gegeven hebt Heer, dat wij dat kunnen bestuderen Heer. En dank u Heer voor de roeping waarmee U elk van ons roept, net zoals U Mozes geroepen hebt. Werk in ons hart Heer, dat wij tijd maken om Uw stem te horen; dat wij tijd maken om te snappen wat Uw roeping voor ons is. Maar bovenal Heer, werk in ons , werk in ons hart Heer, maak ons hart week dat wij U zouden willen dienen, dat wij zouden zeggen Heer, ja, ik zal het doen. Zeg mij Heer, wat wilt U dat ik doe? Ja, dat moet onze houding zijn. Heer God, almachtige Vader, dank U Heer voor het verzoenend offer van Uw Zoon Jezus Christus. Dank U Heer dat U onze God bent, de God van Abraham, Isaak en Jakob, de God Die de wereld geschapen heeft, de God Die ons geschapen heeft en alles rondom ons. Heer wat een machtige God bent U. En dank U Heer dat U werkt in ons, dat U ons geroepen hebt, dat U ons uitverkoren hebt. En werk in ons hart Heer, dat wij toegewijd mogen zijn, dat het antwoord op die vragen Heer ons mag doen realiseren dat wij van U zijn, en dat wij U willen dienen. In Jezus' machtige naam, amen.